|
Honderdveertig koeien merken het eerder dan de boer. Dat zegt Arjen, die met zijn vrouw een melkveebedrijf runt op de klei net buiten Dronten. Vorige winter, op een natte dinsdagmiddag in januari, viel bij hem en een handvol buren de stroom uit door een kabelstoring verderop in de polder. “Binnen tien minuten stonden er twintig koeien voor de melkrobots te wachten. Die snappen niet waarom de deur dicht blijft.” Het duurde bijna vier uur voordat de stroom terug was. Voor een kantoor is dat vervelend. Voor een melkveebedrijf is het een halve werkdag waarin alles stilvalt wat het bedrijf draaiende houdt. Wat er allemaal stilvaltOp een modern melkveebedrijf hangt bijna alles aan het stopcontact. De melkrobots natuurlijk, maar ook de koeltank, waar de melk zo snel mogelijk terug moet naar een paar graden boven nul. De pomp die drinkwater uit de eigen bron haalt. De mestschuif, de voerschuiver, de ventilatoren en in de winter de verlichting in de stal, want het is in januari om half vijf al donker. “Die eerste uren denk je nog, het komt wel goed,” vertelt Arjen. “Maar elke minuut warmt die tank verder op en staan de koeien langer met een volle uier.” De meeste agrariërs in de polder weten dat het kan gebeuren. Een graafmachine die een kabel raakt of een storing in een onderstation is genoeg. Toch hebben lang niet alle bedrijven een plan klaarliggen. Een aggregaat is er, een aansluiting nietArjen had wel een aftakas-aggregaat, samen aangeschaft met een buurman. Alleen was nooit goed geregeld hoe dat ding op de installatie van de stal moest worden aangesloten. Dat is een veelvoorkomend probleem, en een gevaarlijk. Een aggregaat dat zonder voorziening op een bedrijfsinstallatie wordt gezet, kan stroom terugleveren op het net. Dat is levensgevaarlijk voor de monteurs die op dat moment aan de storing werken. En komt de netspanning terug terwijl het aggregaat nog draait, dan kan er flinke schade ontstaan aan de installatie en de apparatuur. Na die januaridag heeft Arjen Elektricien Dronten laten kijken wat er nodig was. In de hoofdverdeler kwam een netomschakelaar met een nulstand. Daarmee wordt het bedrijf eerst helemaal losgekoppeld van het net voordat het aggregaat erop kan. Op de gevel van de werktuigenberging kwam een vaste inlaat waar de kabel van het aggregaat in past, zodat er geen losse kabels door een open staldeur hoeven. Welke groepen er echt toe doenMinstens zo belangrijk was de vraag wat het aggregaat eigenlijk moet kunnen dragen. De vacuümpompen van de robots en de compressor van de koeltank trekken bij het aanlopen een veelvoud van hun normale stroom. Een aggregaat dat op papier groot genoeg lijkt, kan daar alsnog op vastlopen. Daarom zijn de groepen opnieuw ingedeeld. Robots, koeling, water, ventilatie en een deel van de verlichting zitten nu op een noodstroomdeel, de rest kan wachten. Ook is gecontroleerd of de aarding en de aardlekbeveiliging blijven werken als het aggregaat de bron is, want ook dan moet een fout veilig worden afgeschakeld. Er hangt nu een gelamineerd A4’tje naast de verdeler met de stappen in de goede volgorde. Eens per maand laat Arjen het aggregaat een halfuur meedraaien onder belasting, en eens per jaar loopt hij het geheel na met Elektricien Dronten. “Het is net als met een brandblusser,” zegt hij. “Je hoopt dat je hem nooit nodig hebt, maar je wilt wel weten dat hij het doet.” |
Honderdveertig koeien merken het eerder dan de boer. Dat zegt Arjen, die met zijn vrouw een melkveebedrijf runt op de ...
Tags:
















